Allianties met bedrijfsleven: noodzaak in tijden van schaarste?
Deze column is geschreven door Laurent de Vries (Directeur GGD Nederland) voor STG/HMF en gepubliceerd op FD.nl. Met deze samenwerking wil Studelta de dialoog tussen bestuurders en jong talent over de gezondheidszorg bevorderen. Lees hier elke week een nieuwe editie van deze dialoog.
![]()
Ongezond gedrag krijgt volop aandacht: we moeten allemaal proberen verantwoord te eten en te bewegen voor een lang en gezond leven. Maar hoe zit het eigenlijk met de producent, moet die zich ook gezonder gedragen? De Nederlandse overheid laat dat - uit angst voor het verwijt van betutteling - grotendeels aan het bedrijfsleven en de consument zelf over, zoals bij voeding en drank. Is dat voldoende of moeten er meer eisen aan de markt worden gesteld en hoe dan?
Dat er iets moet gebeuren, is duidelijk. Als we niet ingrijpen, lopen de zorgkosten nog verder op en kunnen we dat met zijn allen maar moeilijk betalen. Naast investeringen in preventie, waar ik al heel lang voor pleit, zal er een gedragsverandering moeten plaatsvinden. Zeker in deze tijden van schaarste en teruglopende budgetten, waarin mensen nog meer op hun portemonnee letten. Deze gedragsverandering kan alleen plaatsvinden als mensen worden gestimuleerd in het maken van gezonde keuzes. Moet de gezondheidszorg daarvoor (financiële) allianties aangaan met de private sector? Dit houdt mij al tijden bezig.
Engelse overheid zet in op samenwerking
De private sector kan een belangrijke rol spelen in het maken van goede keuzes, door gezonde producten aan te bieden. Maar ook de overheid kan iets doen. Zoals ik al aangaf, is in Nederland de overheid terughoudend in het opleggen van restricties aan het bedrijfsleven. Moet zij, ten bate van onze gezondheid, meer eisen aan de markt stellen? Ze kan daarbij een voorbeeld nemen aan onze westerburen. In Engeland speelt de overheid een belangrijke rol bij het behalen van gezondheidswinst nu en voor de toekomst. Om betutteling te voorkomen, zetten ze in op samenwerking met en tussen het bedrijfsleven om die broodnodige gezondheidswinst te behalen.
Dit doen zij door middel van de zogeheten ‘Responsibility Deal’. Wat zij zeggen is: publieke gezondheid is ieders verantwoordelijkheid en in het bewaken daarvan is voor alle betrokkenen een rol weggelegd. Iedereen moet samenwerken om de uitdagingen die leefstijlkeuzes teweeg brengen het hoofd te bieden. Deze overheid heeft dus besloten wel wat te doen: en met succes. Een groot aantal toonaangevende marktpartijen als Mars, Tesco’s en Domino’s Pizza heeft zich aangesloten bij deze ‘verantwoordelijkheidsovereenkomst’. Hierin hebben zij hun rol in de verbetering van publieke gezondheid en wat zij daarvoor gaan doen vastgelegd.
Of moeten we inzetten op financiële samenwerking?
Kan deze insteek in Nederland ook succesvol zijn? Of moeten we nog innovatiever zijn en onze heil zoeken in het aangaan van financiële allianties met het bedrijfsleven? Is de huidige schaarste zo dominerend voor onze keuzes, dat alleen het bedrijfsleven kan zorgen dat ze gezond zijn? En hoever moet de steun van de publieke gezondheid hierin gaan? Moet ik, net als een bekende Belgische keeper, met een shirt compleet met logo van een grote bierbrouwer bij het NOS Journaal verschijnen? Is alleen dan het bedrijfsleven bereid alle keuzes gezond te maken?
Op 15 juni organiseert GGD Nederland een congres over publiek-private samenwerking in de gezondheidszorg. Hopelijk heb ik daarna het antwoord.
1 Reactie(s)
13-06-2012 11:24
Een 'Responsibility Deal' is in principe een goed idee. De meerwaarde die de overheid ziet in deze samenwerking is duidelijk: verbetering van de volksgezondheid.
De meerwaarde voor bedrijven is moeilijker zichtbaar. Mogelijkheden zijn:
- consumenten geven steeds meer de voorkeur aan gezonde producten.
- overheidssancties met ongezonde producten voorkomen.
- het bedrijfsimago een gezonde wending geven.
- betere concurrentiepositie door gezonde en duurzame producten.
Het ondernemersklimaat verschuift iets meer in een richting die bovenstaande elementen makkelijker realiseerbaar maakt. Er is echter nog veel mogelijk, zeker in het integreren van de focus op gezondheid met die van duurzaamheid van energie.


